Betere begeleiding met Bouw!

Bron: LBBO, Beter Begeleiden Digitaal, feb-2015, M. Korf & A. van der Leij

Bouw! Het kind leert, de tutor stuurt bij en het computerprogramma wijst de weg

Sinds dit schooljaar is het interventie-programma Bouw! beschikbaar. Hiermee kunnen ernstige leesproblemen effectief worden voorkomen. In dit artikel wordt het programma Bouw! beschreven, de rol van de onderwijsprofessional belicht en lees je over de ervaringen van stichting Veldvest en basisschool De Nautilus.

Het onderwijs draagt de primaire verantwoordelijkheid voor het aanleren van de lees- en spellingsvaardigheid, dus ook voor het voorkomen en verminderen van leesproblemen. Wanneer het onderwijs daar, ondanks intensieve inzet van mensen en middelen, niet voldoende in slaagt, kan de leerling doorverwezen worden naar een zorgvoorziening buiten de school. Daar wordt op basis van vergoeding vanuit de Jeugdwet, gespecialiseerde behandeling gegeven. De strikte voorwaarden waaraan de doorverwijzing dient te voldoen zijn recent opnieuw beschreven (zie website masterplandyslexie.nl). Hoe fraai deze regeling op papier ook in elkaar steekt, er kleven praktische problemen aan de uitvoering. Zo is de toelating naar de zorg beperkt tot de ernstigste gevallen van dyslexie (zo’n 4% van de leerlingen) en niet tot de matige of milde gevallen. Het is dus maar de vraag of de proportie van ongeveer 17 procent vmbo-leerlingen, 11 procent havo-leerlingen en 4 procent voleerlingen die aan hun eindexamen beginnen met een dyslexieverklaring op zak (Sontag & Donker, 2012), er drastisch door wordt verminderd. De buitenschoolse zorg kan daar in elk geval geen oplossing voor bieden want het budget dat uitgetrokken is voor die zorg, wordt fors overschreden (Oudervereniging Balans, Dyslexiezorg onderzocht).

De oplossing voor het probleem dat te veel leerlingen een achterstand oplopen die ze nooit meer inhalen zal dus primair uit het onderwijs moeten komen. Uit de praktijk blijkt echter dat leerkrachten onmogelijk alle leerlingen met leesproblemen intensief gerichte hulp kunnen bieden, zonder daarbij andere leerlingen tekort te doen. Ook het voorzien in specifieke hulp buiten de klas is aan beperkingen – tijd, geld, personeel - onderhevig. Het probleem kan echter aangepakt worden door het onderwijs op twee manieren te verbeteren. Ten eerste door vroeger te beginnen met hulp te verlenen (dus niet af te wachten tot de achterstand er is, maar voordat hij ontstaat) en vol te houden zolang het nodig is. Ten tweede door de inzet van een speciaal computerprogramma dat wordt begeleid door niet-professionals. Het programma Bouw! biedt deze oplossing. Deze interventie biedt gerichte, langdurige en individuele hulp aan jonge leerlingen met risico op leesproblemen.

Bouw!-Wat is het? 

Dyslexie begeleiding met Bouw!Het interventieprogramma Bouw! is door de Universiteit van Amsterdam (UvA) ontwikkeld. Het web-based programma bestaat uit 525 online lessen voor het trainen van letterkennis, fonologisch bewustzijn, het lezen van eerst korte en daarna steeds langere woorden, met de nadruk op accuratesse en snelheid. Het begint in de loop van groep 2 of aan het begin van groep 3 met voorbereidend lezen en gaat dan over in aanvankelijk en gevorderd lezen in groep 3 en 4. Het kind leert, de tutor die ernaast zit stuurt bij en het computerprogramma wijst de weg gedurende 10 minuten, 3 tot 4 keer per week. Het is zo opgezet dat ouders, grootouders, oudere leerlingen, vrijwilligers, stagiaires of onderwijsassistenten kunnen fungeren als tutor. Aanwijzingen krijgen zij in de gele balk op het scherm (zie afbeelding hierboven). De verschillende lestypes zorgen voor afwisseling in het programma. De oefeningen worden afgestemd op het niveau van de leerling aan de hand van toetsen.

Effectiviteit

De effectiviteit van de interventie Bouw! is onderzocht in twee langdurige studies bij kinderen met risico op leesproblemen. Dat zijn kinderen die in groep 2 de letters niet goed oppikken en ook zwak zijn in bewustzijn voor de bijbehorende klanken. Vervolgens werd onderscheid gemaakt tussen leerlingen met een enkelvoudig risico (zonder indicaties van dyslexie in de familie) en een dubbel risico (met familiair risico). De helft van de kinderen werd bij toeval toegedeeld aan het programma Bouw!, de andere helft was de controlegroep. Een jaar na afloop van de afgeronde interventie van twee jaar met Bouw! kwam zwak lezen (prestaties bij de laagste 25%, categorie D en E) in de groep met een enkelvoudig risico veel minder voor dan in de controlegroep (zie onderstaande grafiek, overgenomen uit Bouw zwakke lezers groep 5Didactief, juni 2014). In de nog kwetsbaarder groep met dubbel risico op dyslexie werd het percentage zeer zwakke lezers (prestaties bij de laagste 10%, categorie E) gehalveerd. Dat gold ook voor de inzet van remedial teaching op school en doorverwijzing naar buitenschoolse zorg. Geconcludeerd kan worden dat vroeg beginnen en langdurig ondersteunen met Bouw! leesproblemen helpt voorkomen bij risicoleerlingen in groep 2 t/m 4. Ook is aangetoond dat de combinatie van gestructureerde computeroefeningen met gerichte ondersteuning van de tutor, praktisch goed uitvoerbaar is, zowel thuis als op school.

 

Computeroefeningen bieden uitkomst

Bouw! maakt gebruik van de voordelen van digitalisering. Zo worden de oefeningen aangeboden door de computer. Met behulp van de aanwijzingen die het programma aan hen biedt (in de gele kolom links op het scherm) kan de dagelijkse begeleiding na een korte instructie uitgevoerd worden door iedereen, thuis en op school. Computergestuurde instructie met een niet-professionele tutor biedt niet alleen tijdswinst maar is ook kosteneffectiever dan begeleiding door een zorgspecialist. Bovendien kan de instructie veel eerder worden ingezet. Het programma zorgt er ook voor dat de rt’er, ib’er en leerkracht de leesuitkomsten slechts hoeven te monitoren en hun handen vrijhouden voor andere zaken. De controlerende functie van de computer zorgt ervoor dat het programma accuraat en snel instructie op het gebied van lezen kan geven. Alle gegevens blijven bewaard. Dit heeft als bijkomend voordeel dat het opmaken van het leesdossier vergemakkelijkt wordt. Zo staat de oefenfrequentie zwart op wit aangegeven in het programma.

Onderwijsprofessional cruciale rol

Een krachtig element van Bouw! is de relatief, eenvoudige implementatie. Het programma is web-based en onthoudt automatisch wat er geoefend is en wanneer. Zoek de beginletters bij de plaatjesDaarnaast kan Bouw! ondersteund worden door niet-professionele tutoren, dit scheelt scholen tijd en geld. Ouders, zeker zij die het probleem van dyslexie zelf kennen, blijken bereid om zich in te zetten. Dat geldt ook voor vrijwilligers en oudere leerlingen. De onderwijsprofessional zorgt ervoor dat de extra handen effectief ingezet worden. Daarnaast koppelt de onderwijsprofessional de resultaten van de interventie terug aan de leerkracht. Deze leerkracht kan dan het onderwijs in de klas adequaat afstemmen op het niveau van de leerling. De onderwijsprofessional borgt ook de oefenfrequentie.

Lees het hele artikel >>