Passend onderwijs bij dyslexie, hoe zit dat?

Passend onderwijs en de wet gelijke behandeling op grond van handicap of chronische ziekte, hoe zit dat?

Lexima, december 2016

De Wet Passend Onderwijs heeft tot doel om voor elk kind een passende plek te vinden, zo mogelijk binnen het reguliere onderwijs. Ook nu al hebben leerlingen met een beperking recht op extra ondersteuning zodat zij onderwijs kunnen volgen binnen het reguliere onderwijs. Dit is geregeld in de Wet gelijke behandeling op grond van handicap of chronische ziekte. 

Passend onderwijs dyslexieOp grond van deze wet hebben leerlingen met een beperking in het basis en voortgezet onderwijs recht op 'doeltreffende aanpassingen'. Scholen zijn verplicht te onderzoeken of een leerling met zo'n aanpassing het onderwijs kan (blijven) volgen. Wat een aanpassing inhoudt, is afhankelijk van de behoefte van het kind. Bijvoorbeeld een rooster met lessen op de begane grond voor een leerling in een rolstoel, een voorleesprogramma of mondelinge examens voor een leerling met dyslexie, of gespecialiseerde begeleiding voor een leerling met autisme. Als de gevraagde aanpassing de leerling in staat stelt om het onderwijs te volgen en examens af te leggen, is de school verplicht om die aanpassing ook te bieden. Alleen  als de aanpassing in redelijkheid niet van de school gevraagd kan worden  (bijvoorbeeld vanwege te hoge kosten of technische onhaalbaarheid), geldt het  recht op een aanpassing niet. Dat moet de school dan wel goed onderbouwen.

Dyslexie onderwijsOok na de invoering van de Wet Passend Onderwijs blijft dit recht bestaan. Het is  dus van belang dat bij de afspraken die binnen samenwerkingsverbanden worden  gemaakt over de invulling van de ondersteuning van leerlingen en de verdeling van  middelen, rekening wordt gehouden met de verplichtingen die voortvloeien uit de  Wet gelijke behandeling op grond van handicap of chronische ziekte.

Die verplichtingen houden bijvoorbeeld in dat elke school voldoende budgettaire  ruimte moet hebben om doeltreffende aanpassingen te bieden. En ze houden in dat  scholen leerlingen met een beperking niet direct mogen doorverwijzen naar scholen  die zich in hun schoolondersteuningsprofiel hebben gespecialiseerd in een specifieke  beperking. De school waar de leerling zich aanmeldt, moet eerst onderzoeken of het  de leerling, eventueel met behulp van (extra) ondersteuning, zelf onderwijs kan  bieden. De gedachte hierachter is dat elk kind uniek is en zijn ondersteuningsbehoefte dus ook. Alleen als de benodigde aanpassingen niet van de school gevraagd kunnen worden, mag een school de leerling een andere plek  aanbieden. De afspraken en specialisaties binnen de samenwerkingsverbanden  mogen daarbij wel een rol spelen, maar ze mogen dat onderzoek niet in de weg  staan.

Passend Onderwijs(Bron: brief d.d. 18 februari 2014, College voor de rechten van de mens aan de samenwerkingsverbanden, kenmerk  2014/0007/LK/MG/IS)