Commissie Gelijke Behandeling over Kurzweil
School moet Kurzweil toestaan bij
examens.
Stichting Onderwijsgroep Amersfoort maakt verboden
onderscheid op grond van handicap of chronische ziekte door
leerling met dyslexie niet toe te staan bij examens gebruik te
maken van een computer met het softwareprogramma Kurzweil. Dat is
het oordeel van de Commissie Gelijke Behandeling naar aanleiding
van een klacht van een leerling.
Toelichting uit het oordeel
Een school is verplicht een doeltreffende aanpassing te
verrichten, mits de aanpassing doeltreffend is. Een aanpassing is
doeltreffend als deze geschikt en noodzakelijk is. Daarbij mag een
school slechts afzien van het treffen van de aanpassing als die
onevenredig belastend is. De school biedt aan leerlingen met
dyslexie een aantal aanpassingen bij de examens en het CSE, te
weten extra tijd, een vergroot schrift en een 'stiltelokaal'. De
Commissie stelt vast dat een deskundige heeft geoordeeld dat ook de
problemen met het handschrift van de leerling te maken hebben met
zijn dyslexie. Ook constateert de Commissie dat het gebruik van een
computer is toegestaan op grond van het Eindexamenbesluit. De
Commissie oordeelt dat met de aanpassingen die de school biedt niet
tegemoet wordt gekomen aan de belemmering die de leerling als
gevolg van zijn dyslexie ondervindt. Met het gebruik van een
computer met het programma Kurzweil kunnen de belemmeringen worden
weggenomen. De aanpassing is dan ook geschikt. Er is niet gebleken
dat er een andere, minder kostbare aanpassing mogelijk is, waarmee
de belemmeringen ook kunnen worden weggenomen. Daarom is de
aanpassing ook noodzakelijk. De school heeft gesteld dat zij vele
organisatorische maatregelen zal moeten nemen als zij de gevraagde
aanpassing aanbiedt en dat dit ook kosten met zich zal meebrengen.
De Commissie stelt vast dat de school niet heeft onderzocht of en
waarom de organisatorische maatregelen en de kosten een
onevenredige belasting vormen. Van een onevenredige belasting is
daarom niet gebleken. Omdat de aanpassing doeltreffend is en er
geen sprake is van een onevenredige belasting, oordeelt de
Commissie dat er verboden onderscheid op grond van handicap of
chronische ziekte is gemaakt door de leerling niet toe te staan dat
hij bij zijn schoolexamens en CSE gebruik maakt van een computer
met Kurzweil. (Samenvatting
oordeel)
Enkele citaten uit het oordeel
De verplichting van een onderwijsinstelling tot het
verrichten van een doeltreffende aanpassing is in de WGBH/CZ
opgenomen om personen met een handicap of chronische ziekte in
staat te stellen deel te (blijven) nemen aan het onderwijs bij die
instelling, indien die deelname wordt bedreigd door de wijze waarop
het onderwijs is ingericht. Dit brengt voor een onderwijsinstelling
de verplichting met zich om desgevraagd belemmeringen
voor deelname aan het onderwijs weg te nemen met één of meer
aanpassingen, tenzij deze in redelijkheid niet van de instelling
kunnen worden gevergd omdat ze een onevenredige belasting
vormen.
(..)
Andere aanpassingen kunnen slechts worden toegestaan voor zover
daartoe in de deskundigenverklaring een voorstel wordt gedaan, of
als de aanpassing aantoonbaar aansluit bij de begeleidingsadviezen,
vermeld in die deskundigenverklaring.
(..)
Het is niet zo dat het voldoen aan artikel 55 EB alles is wat een
school in voorkomende gevallen moet doen. Een school heeft op grond
van de WGBH/CZ de verplichting een gevraagde aanpassing te
verrichten voor een leerling met een handicap of chronisch zieke,
mits de aanpassing doeltreffend is. Daarbij kan een school slechts
afzien van het treffen van de aanpassing als die onevenredig
belastend is.
(..)
De aanpassing zal, gelet op het voorgaande en het feit dat
verweerster (lees: de school) de aanpassing ook aan andere
leerlingen met dyslexie zal moeten bieden, de nodige kosten met
zich brengen. Deze kosten zijn niet gebudgetteerd en verweerster
zal dus moeten zoeken naar mogelijkheden om de aanpassing te
bekostigen.
(..)
Ten aanzien van het punt van verweerster dat deze voorziening ook
aan andere dyslectische leerlingen zal moeten worden geboden, wijst
de Commissie er op dat verweerster (lees: de school) verplicht is
een doeltreffende aanpassing te verrichten, op verzoek en
naar gelang de behoefte van een leerling. Dat verweerster
voor de zoon van verzoekster een doeltreffende aanpassing verricht,
brengt niet noodzakelijkerwijs mee dat alle dyslectische leerlingen
om deze aanpassing zullen verzoeken of daaraan behoefte zullen
hebben. Zo zullen aspecten als de vorm van de dyslexie, de mate
waarin een leerling dyslectisch is en de omstandigheid of een
leerling al dan niet ervaring heeft met het programma Kurzweil een
rol spelen
Lees het
volledig oordeel